“Nieuw gevecht over kostbaar kankermedicijn”

Dit weekend stond in Trouw een nieuwsbericht over de bekostiging van nieuwe medicijnen tegen kanker. Het bericht schrijft over onderhandelingen tussen minister Schippers en de fabrikanten van deze medicijnen.

Review door: redactie
Link naar nieuwsbericht: klik hier
Link naar originele bron: klik hier


Wat is er op te maken uit de titel?

Volgens de kop van het nieuwsbericht is er een nieuw gevecht gaande over een kostbaar kankermedicijn. Het woord “nieuw” geeft aan dat er eerder al andere onderhandelingen (“gevechten”) over dure kankermedicijnen zijn gevoerd. Het blijkt in dit geval te gaan om het middel pertuzumab, een medicijn tegen uitgezaaide borstkanker. De nadruk van het bericht ligt op het feit dat minister Schippers de onderhandelingen over nieuwe medicijnen in het algemeen wil veranderen.

Waar komt dit nieuwsbericht vandaan?

We geven eerst een kort overzicht over prijsonderhandeling bij (kanker)medicijnen en welke belangen hierbij een rol spelen. Daarna gaan we verder in op het nieuwsbericht en de visie van de minister.

Waarom wordt er onderhandeld over de prijs van medicijnen?
Fabrikanten investeren in onderzoek naar de ontwikkeling en werkzaamheid van nieuwe medicijnen. Aan de hand van deze investeringen bepaalt een fabrikant een prijs voor het medicijn. De overheid bepaalt vervolgens op basis van deze prijs of dit medicijn wordt opgenomen in het basispakket, waardoor het medicijn wordt vergoed door de zorgverzekeraar. Is de prijs van een nieuw medicijn echter heel hoog, dan zou vergoeding van dat medicijn kunnen leiden tot een te grote stijging van de zorgkosten. Maar als de minister besluit om daarom een duur medicijn niet op te nemen in het basispakket, zou de situatie zich voor kunnen doen dat patiënten niet worden behandeld terwijl er wel een behandeling bestaat. Om zo’n behandeling toch beschikbaar te maken en tegelijkertijd de zorgkosten te beheersen, is het soms nodig dat de overheid onderhandelt met een fabrikant over de prijs van een medicijn.

Waarom zijn deze medicijnen zo duur?
De prijs van een medicijn wordt bepaald door de fabrikant van het medicijn. De fabrikant wil zijn investering in de ontwikkeling van het medicijn terugverdienen en daarnaast iets verdienen aan de verkoop van het medicijn. Als een fabrikant een medicijn ontwikkelt dat veel patiënten voorgeschreven krijgen (bijvoorbeeld een medicijn tegen suikerziekte of hoge bloeddruk) dan verdient de fabrikant vooral geld doordat het medicijn vaak wordt verkocht. Maar het kan ook zijn dat de fabrikant een medicijn ontwikkelt voor een kleine groep patiënten. Om er dan toch voldoende aan te verdienen gaat de prijs van het medicijn omhoog. De laatste jaren zijn vooral deze dure medicijnen voor kleine groepen patiënten onderwerp van discussie. Denk bijvoorbeeld aan behandelingen voor de ziektes van Pompe of Fabry, maar ook zogeheten ‘immuuntherapie’ bij verschillende vormen van kanker.
Onderdeel van de discussie over deze medicijnen is de vraag of fabrikanten nieuwe medicijnen niet bewust veel duurder maken. Het onafhankelijke Geneesmiddelenbulletin schreef bijvoorbeeld dat “hoge prijzen van geneesmiddelen niet gerelateerd zijn aan de kosten voor onderzoek en ontwikkeling”. Minister Schippers pleit daarom al langere tijd voor meer openheid bij de fabrikant over de totstandkoming van prijzen voor nieuwe geneesmiddelen.

Dilemma
De onderhandelingen over de bekostiging van geneesmiddelen brengen naast dit financiële vraagstuk ook een ethische kwestie met zich mee. Want naast de vraag hoe duur een medicijn mag zijn om de zorgkosten beheersbaar te houden, komt de vraag op: kun je een patiënt een behandeling onthouden omdat deze behandeling “te duur” is?
We benadrukken dit dilemma met een kort voorbeeld. Stel, een patiënt heeft een vorm van kanker die niet meer te genezen is. Maar door een nieuw medicijn wordt zijn levensverwachting met 4 maanden verlengd. Moet dit medicijn voor hem worden vergoed als het middel 100 euro per maand kost? Maar wat nou als het 1 miljoen euro per maand kost? Of 1 miljoen euro per week? Of moet de patiënt zo’n medicijn altijd vergoed krijgen? En wie moet dit dan betalen?
Uiteindelijk leiden deze vragen samen tot de vraag: “Hoeveel mag een mensenleven (per maand, of per jaar) kosten?”. Dit dilemma speelt een belangrijke rol bij de beschreven onderhandelingen. In 2012 schreef Trouw hier al een artikel over.

Is dit echt iets nieuws?

Terug naar het nieuwsbericht: de onderhandelingen over het genoemde middel pertuzumab (het “nieuwe gevecht”) zijn al enige tijd gaande. Zorginstituut Nederland adviseerde om dit middel “niet te handhaven in het basispakket, tenzij door prijsonderhandelingen de prijs van het middel daalt en de kosteneffectiviteit verbetert”.
De directe aanleiding voor het nieuwsbericht is echter de “nieuwe geneesmiddelenvisie” van Edith Schippers, minister van volksgezondheid, welzijn en sport. Op haar voorstel heeft de ministerraad een paar dagen terug ingestemd met een “radicale koerswijziging in het geneesmiddelenbeleid”. Deze koerswijziging heeft als doel dat patiënten sneller toegang krijgen tot nieuwe medicijnen, tegen aanvaardbare prijzen. Om dit doel te bereiken worden verschillende actiepunten genoemd:

  • De fabrikant moet inzage geven in hoe de prijs voor een geneesmiddel wordt vastgesteld.
  • Ziekenhuizen en zorgverzekeraars moeten samen onderhandelen bij het inkopen van medicijnen.
  • Er moet meer onderzoek komen naar welke patiënten baat zullen hebben bij dure medicijnen. Het kabinet stelt hier 10 miljoen euro voor beschikbaar.
  • De verhoudingen tussen overheid en fabrikant moeten veranderen. Fabrikanten hebben enorm veel bijgedragen door nieuwe medicijnen te ontwikkelen, maar hebben nu een te grote “machtspositie”. Dit geldt niet alleen in Nederland maar ook in andere delen van Europa. Minister Schippers wil hierbij gebruikmaken van het feit dat Nederland dit voorjaar voorzitter is van de Europese Unie.

Wat kunnen we hier nu concreet mee?

Patiënten kunnen veel baat hebben bij nieuwe geneesmiddelen, maar de prijs van deze geneesmiddelen is soms zo hoog dat vergoeding ervan de totale zorgkosten onbeheersbaar zou kunnen maken. Om deze zorgkosten te controleren en tegelijkertijd patiënten toegang te geven tot nieuwe behandelingen, onderhandelt minister Schippers met fabrikanten over de prijs van geneesmiddelen. Kort geleden leidde dit er bijvoorbeeld toe dat nivolumab, een medicijn tegen longkanker en huidkanker (melanoom), per 1 maart 2016 wordt opgenomen in het basispakket. Met de beschrijving van een “nieuwe geneesmiddelenvisie” heeft de minister bovendien een uitgebreid plan openbaar gemaakt om patiënten sneller toegang te geven tot nieuwe geneesmiddelen tegen aanvaardbare prijzen. Dit plan omvat verschillende actiepunten die de komende jaren moeten worden uitgevoerd.