“Aspirientje slecht voor gezonde senior”

NRC meldde vorige week dat “een aspirientje ter voorkoming van hart- en vaatziekten  de kans op een iets eerdere dood bij gezonde ouderen verhoogt”. Het nieuwsbericht is gebaseerd op een artikel dat verscheen in een Amerikaans wetenschappelijk tijdschrift.

Review door: redactie i.s.m. Gezondheid en Wetenschap
Link naar nieuwsbericht: klik hier
Link naar originele bron: klik hier


Wat is er op te maken uit de titel?

De kop van het nieuwsbericht meent dat aspirine “slecht voor de gezonde senior” is. Volgens de inleiding van het bericht lijkt het onderzoeksartikel “een demasqué van het preventiepilletje”. Wat betekent dit nieuws voor mensen die aspirine gebruiken?

Waar komt dit nieuwsbericht vandaan?

Om de berichten goed te begrijpen is het belangrijk te weten dat aspirine een veelgebruikt medicijn is dat in verschillende doseringen voor verschillende doeleinden kan worden gebruikt. Het wordt voornamelijk voorgeschreven in lage dosering aan mensen met hart- en vaatziekten, bijvoorbeeld na een hartinfarct of beroerte. Het medicijn zorgt er dan voor dat bloedvaten minder snel dicht gaan zitten, waardoor de kans op een nieuw hartinfarct of nieuwe beroerte verkleint.
Aspirine wordt in hogere dosering ook gebruikt bij pijn en ontsteking. Het is echter nadrukkelijk een heel ander medicijn dan paracetamol. Mensen gebruiken nog wel eens de term ‘een aspirientje’ als ze bijvoorbeeld pijn of koorts hebben, terwijl ze eigenlijk paracetamol bedoelen.
Een nadeel van aspirine is het sneller optreden van bloedingen. Dit zijn meestal kleine bloedingen (blauwe plekken), maar soms ook grotere bloedingen (zoals een hersenbloeding of bloed in de ontlasting). Deze grote bloedingen komen gelukkig maar zelden voor.

Aspirine is, overigens net als paracetamol, ook zonder recept bij de drogist of apotheek verkrijgbaar. Mensen kunnen daarom op eigen initiatief aspirine gebruiken, bijvoorbeeld omdat ze denken dat dit helpt een hartinfarct of beroerte te voorkómen (je zou dat dan een “preventiepilletje” kunnen noemen, zoals NRC schrijft: het bij gezonde personen proberen een ziekte te voorkómen heet ook wel ‘primaire preventie’). Deze preventieve werking van aspirine is echter alleen bewezen bij mensen die al een hartinfarct of beroerte hebben gehad (dit noem je ‘secundaire preventie’).

Amerikaanse en Australische onderzoekers wilden bepalen of een dagelijkse lage dosis aspirine bijdraagt aan de periode waarin gezonde ouderen ‘klachtenvrij’ leven. Hiertoe vervolgden zij ruim 19.000 ‘gezonde ouderen’ (voornamelijk 70 jaar en ouder) die géén hart- en vaatziekten hadden. Ook mochten zij geen verhoogd risico hebben op bloedingen, zoals door bloedarmoede, ongecontroleerde hoge bloeddruk of door het gebruik van (andere) bloedverdunners. De deelnemers aan het onderzoek werden willekeurig verdeeld over twee groepen:

  1. Aspirinegroep: deze personen kregen dagelijks 100 mg aspirine
  2. Placebogroep: deze personen kregen dagelijks een placebo.

Alle deelnemers werden over de periode 2010-2014 vervolgd, waarbij elke zes maanden onder andere werd gevraagd en gekeken naar lichamelijk beperkingen. Deelnemers van de aspirinegroep leefden niet langer zonder lichamelijke beperking dan die in placebogroep. Ook was er geen verschil tussen het aantal personen dat hart- en vaatziekten kreeg: ongeveer 11 per 1000 per jaar. Wel hadden de personen in de aspirinegroep meer bloedingen: 8,6 per 1.000 tegenover 6,2 per 1000 in de placebogroep. In de aspirinegroep stierven ook net iets meer mensen (12,7 per 1.000) dan in de placebogroep (11,1 per 1.000).

De onderzoekers concluderen op basis van dit onderzoek dat het gebruik van een lage dosis aspirine niet de kans vergroot dat gezonde ouderen langer leven zonder lichamelijke beperking, maar dat dit wel een grotere kans geeft op het krijgen van een grote bloeding.

Is dit echt iets nieuws?

Er is al veel vaker onderzoek gedaan naar de mogelijke preventieve werking van aspirine. In vrijwel al die onderzoeken komt naar voren dat er een gunstig effect is bij mensen die al hart- en vaatziekten hebben (dus als secundaire preventie), maar niet ter voorkóming van ziekte bij gezonde mensen. Dit staat bijvoorbeeld ook als zodanig beschreven in de huidige huisartsrichtlijn voor hart- en vaatziekten. Het huidige onderzoek sluit hier dus bij aan.
Het is daarom belangrijk nogmaals te benadrukken dat aspirine in lage dosering bij mensen mét hart- en vaatziekte wel degelijk effect heeft: voor hen is van “een demasqué van het preventiepilletje” dus zeker geen sprake.

Wat kunnen we hier nu concreet mee?

Onderzoekers hebben gekeken of een dagelijkse lage dosis aspirine bij gezonde mensen ouder dan 70 jaar leidt tot een langere periode zonder lichamelijke klachten. Aspirine bleek echter niet tot betere uitkomsten te leiden, maar wel tot een grotere kans op bloedingen en een iets verhoogde kans op overlijden. Het gebruik van aspirine door ouderen zonder hart- en vaatziekten wordt daarom afgeraden. Deze uitkomst verandert niets aan het feit dat aspirine wel degelijk effectief is bij mensen mét hart- en vaatziekten. Gebruik van aspirine is niet geheel zonder risico’s, en dient daarom altijd in overleg met een arts te worden gebruikt. Mensen die op eigen initiatief aspirine gebruiken kunnen dit het beste bespreken met hun (huis)arts.