“Lagere overlevingskans na borstamputatie bij kanker”

Deze week was in het Algemeen Dagblad een nieuwsbericht te lezen over de behandeling van borstkanker. Het nieuwsbericht komt voort uit een onderzoek van het Integraal Kankercentrum Nederland.

Review door: redactie
Link naar nieuwsbericht: klik hier
Link naar originele bron: klik hier


Wat is er op te maken uit de titel?

De titel lijkt te melden dat vrouwen met borstkanker een kleinere kans hebben om te genezen wanneer zij een borstamputatie ondergaan. De titel vertelt niet ten opzichte van welke andere behandeling deze kans kleiner is. Wat betekent dit voor vrouwen die al een borstamputatie hebben ondergaan? En geldt dit voor alle vormen en stadia van borstkanker? Hoeveel kleiner is die overlevingskans precies?

Waar komt dit nieuwsbericht vandaan?

Het nieuwsbericht komt voort uit een onderzoek van het Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL). In het onderzoek werd bij een grote groep vrouwen met borstkanker gemeten hoeveel vrouwen er na 10 jaar nog in leven waren. Als behandeling hadden zij óf (1) een borstamputatie óf (2) een borstsparende operatie gevolgd door bestraling gehad. Uit het onderzoek kwam naar voren dat bij vrouwen met “een vroeg stadium van borstkanker” de borstsparende operatie gevolgd door bestraling tot een betere overleving leidde dan behandeling door borstamputatie. Het verschil in deze 10-jaarsoverleving bleek ongeveer 20%.

Is dit echt iets nieuws?

Het zou nieuw zijn dat de behandeling van borstkanker door borstsparende therapie (waarbij een deel van de borst wordt weggehaald) tot een betere overlevingskans leidt dan een borstamputatie, waarbij de gehele borst wordt verwijderd. De onderzoekers geven aan dat dit mogelijk komt door toevoeging van bestraling na de borstsparende operatie. Er zijn echter een aantal kanttekeningen te plaatsen bij de resultaten van het onderzoek. De onderzoekers geven dit zelf ook grotendeels aan in hun persbericht.

  1. Allereerst is de vorm van het onderzoek, een zogeheten observationeel onderzoek, gevoelig voor verstorende factoren. Zo bleek dat de vrouwen die een borstsparende operatie hadden gekregen jonger waren dan de vrouwen die een borstamputatie hadden ondergaan. Belangrijk is ook dat de tumoren van de vrouwen die de borstsparende operatie ondergingen gunstigere kenmerken hadden. Het kan daarom zijn dat juist deze jonge, relatief ‘gunstigere’ vrouwen een borstsparende operatie kregen. Het is in zo’n situatie niet duidelijk of de behandeling of juist de patiënt (of beide) het verschil in resultaat bepaalt.
  2. Ook geldt de genoemde kleinere kans alléén voor vrouwen met borstkanker in een bepaald vroeg stadium. De getallen gaan dus niet op voor álle patiënten met borstkanker.
  3. Verder is het belangrijk om te noemen dat de uitkomsten van het onderzoek nog niet wetenschappelijk gepubliceerd zijn. Dit betekent meestal dat er nog geen onafhankelijke partij naar het onderzoek heeft gekeken om de resultaten te beoordelen.
  4. Als laatste speelt mee dat de onderzochte vrouwen de diagnose borstkanker kregen tussen 2000 en 2004. Inmiddels, ruim 10 jaar later, zijn onderzoek en behandeling van borstkanker verder ontwikkeld en de genoemde kansen daarmee wellicht in gunstige zin veranderd

Wat kunnen we hier nu concreet mee?

Dit nieuwsbericht lijkt vrouwen met borstkanker te zeggen dat een borstsparende operatie een grotere kans geeft op genezing dan een borstamputatie. Hier zitten echter nog een hoop haken en ogen aan.
De onderzoekers vermelden zelf dat hun resultaten “suggereren” dat voor vrouwen met een vroeg stadium van borstkanker borstsparende therapie de beste behandelkeuze is. Ze vermoeden (“maar kunnen nog niet bewijzen”) dat deze behandeling door de toegevoegde bestraling tot een betere overleving leidt dan behandeling door borstamputatie.
De resultaten zijn dus om verschillende redenen nog erg voorbarig en zullen door verder onderzoek bevestigd moeten worden. De behandeling van borstkanker blijft bovendien een op de individuele patiënt afgestemde behandeling, afhankelijk van vele verschillende factoren en de wensen van de patiënt.