“Belangrijke doorbraak in onderzoek naar mazelen”

Onlangs verschenen in onder andere het Algemeen Dagblad en op NU.nl berichten dat het mazelenvirus niet alleen de ziekte mazelen zou veroorzaken, maar ook een “langdurige schade aan het afweersysteem”. Aanleiding hiervoor zijn twee recent gepubliceerde onderzoeken.

Een review door de redactie
Link naar nieuwsbericht: klik hier
Link naar originele bron: klik hier en hier


Wat is er op te maken uit de titel?

Het Algemeen Dagblad kopt dat er een “belangrijke doorbraak in het onderzoek naar mazelen” is, terwijl RTL Nieuws stelt dat “mazelen nog gevaarlijker dan gedacht” is. Wat is dit precies voor doorbraak in het onderzoek? En verandert dit iets aan het advies voor vaccinatie tegen mazelen?

Waar komt dit nieuwsbericht vandaan?

Mazelen is een zeer besmettelijke infectieziekte en wordt veroorzaakt door het mazelenvirus. Er bestaan geen medicijnen tegen mazelen. Wel beschermen de twee BMR-vaccinaties – bij 14 maanden en 9 jaar – tegen mazelen. Al langere tijd is bekend dat kinderen die mazelen hebben gehad aan de ene kant de rest van hun leven goed beschermd lijken te zijn tegen het opnieuw krijgen van mazelen, maar tegelijkertijd hierna wel vatbaarder zijn voor andere infectieziekten (dit noemt men ook wel de ‘mazelenparadox’). Veel patiënten overlijden bijvoorbeeld niet direct door het mazelenvirus, maar door een tweede infectie die daarop volgt. Een gedachte is dat dit komt doordat het mazelenvirus het afweersysteem aanvalt, wat ook op langere termijn nog schadelijke effecten zou kunnen hebben. Of mensen na een mazeleninfectie ook echt een verminderde afweer hebben, was echter nog niet bekend. Vorige week verschenen er twee onderzoeken die dit probeerden te achterhalen.

Om deze twee onderzoeken goed te kunnen begrijpen is het belangrijk om te weten dat witte bloedcellen een belangrijke functie hebben bij onze afweer, onder meer door het aanmaken van ‘antistoffen’. Dit zijn speciale eiwitten die virussen of bacteriën bestrijden. Na een infectie – maar ook na vaccinatie – maken witte bloedcellen antistoffen aan die speciaal tegen dat virus of die bacterie zijn gericht. Doordat die witte bloedcellen daarna als ‘geheugencellen’ in je lichaam kunnen blijven, kunnen ze jaren later bij een nieuwe infectie direct de juiste antistoffen aanmaken zodat je niet opnieuw ziek wordt.

Het eerste onderzoek had als doelstelling om de langetermijneffecten van mazelen op de afweer te meten. Hiertoe bepaalden onderzoekers bij 77 niet-gevaccineerde kinderen de aanwezigheid van een groot aantal antistoffen. Dit deden zij niet alleen voorafgaand, maar ook twee maanden na een mazeleninfectie. Ook bepaalden zij op dezelfde momenten deze antistoffen bij kinderen die gevaccineerd waren tegen mazelen. Gemiddeld bleken de niet-gevaccineerde kinderen die de mazelen hadden gehad twee maanden na hun mazeleninfectie een afname van 20% van het aantal verschillende antistoffen te hebben. De verschillen in afname waren weliswaar vrij groot, tussen de 11 en 72%, maar 12 van de 77 kinderen ‘verloor’ meer zelfs dan 40% van het aantal verschillende antistoffen. De afname leek groter bij kinderen die een ernstige mazeleninfectie hadden doorgemaakt. Bij gevaccineerde kinderen werd dit effect niet gezien.

In het tweede gepubliceerde onderzoek zagen de onderzoekers dat een mazeleninfectie zowel de effectiviteit van de geheugencellen als die van nieuwe witte bloedcellen vermindert.

Op basis van de onderzoeken benadrukken de onderzoekers het belang van mazelenvaccinatie. Niet alleen vanwege de bescherming tegen mazelen zelf, maar dus ook omdat het voorkómen van een mazeleninfectie lijkt te leiden tot een beter behoud van de afweer.

Is dit echt iets nieuws?

Mazelen is de afgelopen jaren vooral in het nieuws vanwege toename van het aantal mazelenbestemmingen in Europa en de dalende vaccinatiegraad (die overigens inmiddels lijkt te stabiliseren). De huidige berichtgeving geeft vooral inzage in het effect van een mazeleninfectie op het immuunsysteem. In 2012 is er een vergelijkbaar onderzoek bij apen uitgevoerd waarbij ook na een mazeleninfectie een verminderde afweer werd gezien. Ook toen concludeerden de onderzoekers dat een mazeleninfectie tot een (tijdelijk) verminderd aantal geheugencellen leidt. De twee recent gepubliceerde onderzoek voegen hier nu aan toe dat dit effect ook bij mensen is gemeten en daarnaast ook leidt tot afname van het aantal antistoffen.

Minstens zo belangrijk is de vraag of deze verminderde afweer ook daadwerkelijk leidt tot meer ziekte bij kinderen in de periode na de mazeleninfectie. Eerdere onderzoeken (deze en deze) lieten zien dat kinderen in de vijf jaar na een mazeleninfectie een grotere kans hebben op het krijgen van een andere infectieziekte: 22% meer kans in het eerste jaar na de mazeleninfectie. Met deze twee eerdere onderzoek kon niet worden gesteld dat deze toename ook daadwerkelijk veroorzaakt werd door de mazeleninfectie. Maar door de nu gepubliceerde onderzoeken hiermee te combineren lijkt een oorzakelijk verband wel waarschijnlijk. Zoals een van de betrokken onderzoekers dan ook stelt, onderschrijft dit onderzoek het belang van vaccinaties: het beschermt niet alleen tegen de mazelen maar ook tegen het daarna ziek worden door andere infecties.

Wat kunnen we hier nu concreet mee?

Verschillende media berichten dat het mazelenvirus het afweersysteem aantast. Twee recente onderzoeken hebben aangetoond dat na een mazeleninfectie het aantal verschillende geheugencellen en antistoffen –die een belangrijke rol in onze afweer spelen – afneemt. Bij kinderen die gevaccineerd waren tegen mazelen werd dit effect niet gezien. Behalve dat een mazelenvaccinatie de kans op het krijgen van mazelen vermindert, zowel voor het individu als voor de bevolking, beschermt deze vaccinatie dus ook tegen aantasting van de afweer en het krijgen van andere infecties.