“Elektronische neus ‘ruikt’ oorzaak longaanval”

Op de website van De Telegraaf verscheen onlangs een nieuwsbericht over een zogenaamde elektronische neus of ‘eNose’, die “binnen enkele uren kan vaststellen of een longaanval is veroorzaakt door een bacterie of een virus”. Het bericht volgt op onderzoek van het Universitair Medisch Centrum Groningen.

Review door: Lois Daamen, coassistent, UMC Utrecht
Link naar nieuwsbericht: klik hier
Link naar originele bron: klik hier


Wat is er op te maken uit de titel?

De titel van het nieuwsbericht suggereert dat met behulp van een elektronische neus de oorzaak van een longaanval kan worden vastgesteld. Wat is eigenlijk een longaanval? En maakt dit nieuwe hulpmiddel andere onderzoeken overbodig?
De inleiding van het bericht stelt dat door deze ‘eNose’ COPD-patiënten in de toekomst sneller de juiste medicatie kunnen krijgen.

Waar komt dit nieuwsbericht vandaan?

In het Universitair Medisch Centrum Groningen werd onderzocht of de eNose een geschikt hulpmiddel zou kunnen zijn om onderscheid te kunnen maken tussen een virus of bacterie als oorzaak van een longaanval bij COPD-patiënten. COPD staat voor Chronic Obstructive Pulmonary Disease (Chronische Obstructieve Longziekte) en is een chronische longziekte die bijna altijd wordt veroorzaakt door roken. De blijvende schade aan de longen zorgt ervoor dat ademen moeizamer gaat en er minder zuurstof door het lichaam kan worden opgenomen. Bij COPD treedt vaak eens in de zoveel tijd een verergering van het ziektebeeld op, wat ook wel een longaanval wordt genoemd. Deze verergeringen worden vaak veroorzaakt door infectie van de luchtwegen met een virus of bacterie. Als een bacterie de oorzaak is van de longaanval heeft de patiënt over het algemeen baat bij een antibioticakuur; bij een virusinfectie zijn antibiotica overbodig en kan behandeling met virusremmers worden overwogen.
In het onderzoeksartikel wordt gesteld dat het snel onderscheiden van de verschillende oorzaken van een longaanval bij COPD-patiënten met name van belang is om tijdig de juiste behandeling voor te schrijven. De gebruikelijke onderzoeken die een dergelijk onderscheid kunnen maken zouden duur en vaak tijdrovend zijn, terwijl de patiënt snelle behandeling behoeft. De eNose zou mogelijk een gemakkelijker, sneller en patiëntvriendelijker alternatief zijn. Het doel van het onderzoek was om te onderzoeken of de eNose in staat is om aanwezigheid van een bacterie danwel virus vast te stellen tijdens een longaanval bij COPD-patiënten.

Aan het onderzoek deden 43 COPD-patiënten mee, die waren opgenomen in het ziekenhuis met een ‘ernstige longaanval’. Bij deze patiënten werd met behulp van gebruikelijk laboratoriumonderzoek onderzocht of de longaanval werd veroorzaakt door een bacterie of virus. Daarnaast moesten zij gedurende enkele minuten in de eNose ademen. De uitkomsten die werden verkregen met behulp van de eNose werden vervolgens vergeleken met de uitkomsten van het laboratoriumonderzoek. Van alle patiënten bij wie een bacterie werd gevonden met gebruikelijk onderzoek, stelde de eNose bij 73% eveneens een bacterie vast; bij de patiënten met een virusinfectie gaf de eNose dit in 83% van de gevallen aan. De onderzoekers concluderen dat de eNose de aan- of afwezigheid van een bacterie of virus tijdens een longaanval bij COPD-patiënten “met hoopgevende nauwkeurigheid” weet te constateren.

Een beperking van het onderzoek is dat de eNose is getest bij een kleine groep van slechts 43 patiënten met specifieke patiëntkenmerken. De resultaten van het onderzoek zijn daarom niet direct van toepassing op alle COPD-patiënten. Daarnaast worden COPD-patiënten met een longaanval in Nederland meestal eerst gezien door de huisarts, die vaak al start met antibiotische behandeling voordat de patiënt naar het ziekenhuis wordt verwezen. Dit maakt het lastig op basis van dit onderzoek de precieze waarde van de eNose te bepalen. Uit het onderzoek wordt niet duidelijk of in de situaties waar de eNose misschien wel voordeliger kan zijn, zoals wellicht in de huisartsenpraktijk, dezelfde resultaten mogen worden verwacht. Tot slot is belangrijk te noemen dat alle onderzoekers financiële belangen hebben gemeld bij het schrijven van hun artikel, één van hen werkt voor The eNose Company.

Is dit echt iets nieuws?

Als de eNose bij iedere COPD-patiënt die met een longaanval de huisarts of longarts consulteert een goede inschatting kan maken of de longaanval door een virus of bacterie wordt veroorzaakt, dan zou hierdoor wellicht minder vaak (onnodig) antibiotica worden voorgeschreven. Dit zou, zeker met het oog op antibioticaresistentie en de bijwerkingen die patiënten kunnen ervaren, goed nieuws zijn. Bovendien kan de patiënt dan direct gerichter worden behandeld en kunnen mogelijk duurdere laboratoriumonderzoeken achterwege blijven. Of de eNose daadwerkelijk ander onderzoek overbodig maakt en bovendien een kostenbesparing oplevert, kan met dit onderzoek echter niet worden vastgesteld. Wel is met het onderzoek voor het eerst aangetoond dat de eNose in de toekomst mogelijk nuttig zou kunnen zijn voor gerichte behandeling van COPD-patiënten met een longaanval.

Wat kunnen we hier nu concreet mee?

Uit onderzoek van het Universitair Medisch Centrum Groningen blijkt dat een  ‘elektronische neus’ redelijk in staat lijkt de aan- of afwezigheid van een virus of bacterie te constateren als oorzaak voor een longaanval bij COPD-patiënten. Hierdoor zou in de toekomst mogelijk sneller een gerichte behandeling kunnen worden ingezet en onnodig medicatiegebruik worden verminderd. Verder en meer objectief onderzoek, waarbij bovendien grotere en meer gevarieerde patiëntengroepen worden onderzocht, lijkt nodig om de toegevoegde waarde van deze eNose bij COPD-patiënten met een longaanval nader te bepalen.