“Meer kinderen allergisch, vooral huisstofmijtallergie rukt op”

NOS.nl meldde vorige week dat er steeds meer kinderen met een allergie zijn. Aanleiding voor dit nieuws is een onderzoek in de regio Zwolle waarvan de resultaten eind november werden gepubliceerd in een wetenschappelijk tijdschrift.

Review door: redactie
Link naar nieuwsbericht: klik hier
Link naar originele bron: klik hier


Wat is er op te maken uit de titel?

Steeds meer kinderen zouden een allergie hebben. “In twintig jaar tijd steeg het aantal kinderen met een of twee positieve allergietesten in de regio Zwolle met bijna 10 procent”, aldus een van de betrokken Zwolse kinderartsen. Meerdere media namen het bericht van de NOS over.
Betekent deze stijging van positieve allergietesten ook echt dat meer kinderen klachten van allergie hebben? En om welke allergieën gaat het precies?

Waar komt dit nieuwsbericht vandaan?

Een allergie is een overgevoeligheidsreactie op een bepaalde stof (het allergeen), zoals huisstofmijt of pollen. Bij een allergie maakt het afweersysteem bepaalde antistoffen aan tegen dit allergeen. Dit leidt in sommige gevallen tot klachten en noem je dan een allergische reactie, met symptomen als jeuk, niezen of tranende ogen. Om de diagnose ‘allergie’ te kunnen stellen moeten zowel antistoffen in het bloed (de allergietest) als de bijbehorende symptomen aanwezig zijn. Het kan dus zo zijn dat bij iemand wel antistoffen in het bloed worden gevonden (positieve allergietest), maar deze hier geen klachten van heeft. Deze persoon is dan – volgens de definitie – niet allergisch.

Onderzoekers van het ziekenhuis Isala in Zwolle analyseerden over de periode 1994-2014 bloed van meer dan 18.000 kinderen (0-17 jaar) die vanwege klachten verwezen waren voor een allergietest. De onderzoekers bekeken vervolgens of deze test positief was voor twee groepen allergenen:

  1. Inademingsallergenen. Deze allergenen worden via de lucht verspreid, zoals die van huisstofmijt, honden, katten, boom- en graspollen.
  2. Voedselallergenen. De vijf meest voorkomende zijn pinda, koemelk, kippenei, soja en tarwe.

In 1994 had 40,5% van de kinderen een positieve allergietest en in 2014 was dit 48,9%. De stijging werd alleen gezien bij de inademingsallergenen bij kinderen van 4-11 jaar. In de andere leeftijdscategorieën werd deze stijging niet waargenomen. Het aantal positieve tests voor voedselallergenen bleek over dezelfde periode juist af te nemen.
De onderzoekers concluderen op basis hiervan dat er over het algemeen meer positieve allergietesten zijn dan 20 jaar geleden, en dan vooral voor inademingsallergenen. De oorzaak hiervan is volgens de onderzoekers nog niet duidelijk.

Omdat al deze kinderen met allergische klachten verwezen waren, zou je kunnen stellen dat daarom meer kinderen een allergie hebben. Echter, welke klachten de kinderen hadden – zo melden ook de onderzoekers – is niet bekend. Omdat voor het stellen van de diagnose allergie zowel een positieve bloedtest als bijpassende allergische klachten nodig zijn, is daarom niet met zekerheid te stellen dat er daadwerkelijk meer kinderen allergisch zijn dan 20 jaar geleden.

Is dit echt iets nieuws?

Al langere tijd lijkt in westerse landen het aantal kinderen met allergische klachten toe te nemen. Of het aantal positieve allergietesten ook toeneemt, is minder duidelijk. Een groot Zweeds onderzoek bij kinderen van 7-8 jaar liet over een periode van 10 jaar inderdaad een toename van het aantal positieve allergietesten zien. Zwitsers en Deens onderzoek naar huidallergietesten liet deze toename dan weer niet zien.
Het onderzoek uit Zwolle draagt bij aan deze eerdere onderzoeken door het beloop van verschillende allergietesten over de tijd te beschrijven. Omdat bij dit Zwolse onderzoek ook voedselallergenen werden bekeken en het aantal positieve allergietesten voor deze allergenen niet toenam, zou je voorzichtig kunnen concluderen dat het aantal voedselallergieën niet lijkt toe te nemen. De onderzoekers noemen dit ook als een van hun conclusies.
Waarom de uitkomsten van de allergietesten lijken te veranderen blijft echter onduidelijk.

Wat kunnen we hier nu concreet mee?

Verschillende media meldden vorige week dat er steeds meer kinderen met een allergie zijn. Het onderzoek uit Zwolle waar dit nieuws op is gebaseerd laat bij kinderen van 4-11 jaar inderdaad een toename van het aantal positieve allergietesten voor inhalatieallergenen zien. Het aantal positieve testen voor voedselallergenen bleek juist af te nemen.
Omdat voor een allergie zowel allergische symptomen als een positieve test aanwezig moeten zijn, is niet direct te stellen dat er daadwerkelijk meer kinderen met een allergie zijn. Wat de toename van positieve allergietesten verklaart kan met het onderzoek niet worden vastgesteld.